Door de hulp van de Eeuwige Ene

Een voortdurend actief en flexibel brein hoeft geen bron van chaos te blijven. Voor een Noachitische schrijver en gemeenschapsdenker vormt juist strakke ordening de sleutel om een overvloed aan gedachten om te zetten in boeken, nieuwsberichten en maatschappelijke betrokkenheid.

Centraal in zijn werkwijze staat het 1-7-10-systeem: één centrale these, zeven thema’s en tien onderwerpen per compact boek. Door complexe gedachten binnen dit vaste raster te plaatsen, ontstaat een heldere structuur. Ideeën worden niet onderdrukt, maar geordend, uitgewerkt en vervolgens openbaar gemaakt.

Die aanpak heeft niet alleen betekenis voor de schrijver zelf. Door zijn boeken en publieke nieuwsberichten beschikbaar te stellen, probeert hij ook anderen houvast te bieden bij levensbeschouwelijke, maatschappelijke en morele vragen. Persoonlijke ordening krijgt zo een publieke functie.

Naast het schrijven werkt hij met een vaste dagelijkse cadans van 2 × 5 prosternaties: tien bewuste neerbuigingen verdeeld over vijf momenten van de dag. Deze praktijk beschouwt hij niet als de basis van een nieuwe religie, maar als een persoonlijke discipline die helpt om gedachten tijdelijk stil te zetten en opnieuw richting te geven.

Toch ligt volgens hem de werkelijke betekenis niet in systemen, boeken, talen of lichamelijke vormen. Ook Hebreeuwse en Arabisch-Semitische taalstudie blijven uiteindelijk slechts instrumenten.

Binnen zijn Noachitische benadering staat de innerlijke mens centraal. Het geschreven woord en de fysieke buiging krijgen pas betekenis wanneer zij verbonden zijn met oprechtheid, verantwoordelijkheid en het menselijk hart.

Daar ligt volgens hem uiteindelijk ook de Genade: niet in de uiterlijke structuur zelf, maar in de manier waarop die structuur een mens helpt om bewuster, rechtvaardiger en dienstbaarder te leven.

Zijn methode laat daarmee een opvallende wisselwerking zien. Een flexibel brein krijgt orde. Die orde wordt omgezet in boeken en nieuwsberichten. En wat persoonlijk begon als een manier om gedachten te structureren, wordt vervolgens publiek gemaakt om ook anderen overzicht, bezinning en richting te bieden.

Ook de prosternaties binnen zijn dagelijkse ritme moeten niet worden gezien als een nieuwe verplichting voor Noachieten. Er bestaat geen regel die zegt dat een Noachiet op deze wijze moet neerbuigen, laat staan tienmaal per dag. Het is evenmin zijn bedoeling geweest om een ritueel uit een andere godsdienst over te nemen en dat vervolgens van een Noachitisch etiket te voorzien.

Zijn uitgangspunt was juist eenvoud.

Wie zich verdiept in religieuze tradities ontdekt al snel uitgebreide gebedsvormen, vaste teksten, kledingvoorschriften, voorbereidingen en soms lange rituelen. Voor hem zou dat opnieuw een wereld van regels hebben geschapen waarin het actieve brein zich kon verliezen. Hij zocht daarom niet naar méér ritueel, maar naar minder.

Wat bleef er over wanneer woorden, boeken en ingewikkelde vormen werden weggelaten?

Een mens die even ophoudt met wat hij doet, zich lichamelijk klein maakt, prosterneert, tot rust komt en daarna weer opstaat.

Daarin vond hij een vorm die voor hem natuurlijk en comfortabel aanvoelde. Geen urenlange ceremonie, geen ingewikkeld gebedenboek en geen poging om iemand anders na te bootsen. Slechts enkele bewuste momenten gedurende de dag waarop het denken wordt onderbroken door een eenvoudige lichamelijke beweging.

De 2 × 5 prosternaties ontstonden vanuit die gedachte. Op vijf vaste ijkpunten van de dag buigt hij tweemaal. Niet omdat het getal tien op zichzelf heilig zou zijn en ook niet omdat daarmee een nieuwe liturgische wet zou ontstaan, maar omdat deze vaste ordening aansluit bij de manier waarop hij ook zijn denken en schrijven structureert. Het geeft de dag een herkenbaar ritme.

Je zou het prosterneren daarbij bijna een oergebaar kunnen noemen. Lang voordat mensen ingewikkelde theologische systemen opschreven, konden zij al staan, knielen, prosterneren en zich oprichten. Het lichaam beschikt over een eigen taal van nederigheid, aandacht en onderbreking die geen uitgebreide theorie nodig heeft.

Voor hem ligt juist daarin de kracht.

De prosternatie neemt maar korte tijd in beslag, maar markeert een duidelijke grens: tot hier liepen de gedachten, nu wordt het even stil. Daarna begint de dag opnieuw. Zo hoeft spiritualiteit geen uren van zijn dagelijkse leven op te eisen om toch verschillende keren bewust aanwezig te zijn.

Daarom presenteert hij deze praktijk ook nadrukkelijk niet als voorbeeld dat anderen zouden moeten volgen. Een andere Noachiet kan dezelfde innerlijke gerichtheid vinden in stilte, wandelen, studie, gebed of een ander eenvoudig moment van bezinning. De uiterlijke vorm is persoonlijk.

Het wezenlijke ligt dieper.

De prosternatie heeft geen waarde omdat iemand een bepaalde beweging uitvoert. Zij krijgt alleen betekenis wanneer de beweging overeenkomt met wat zich in het hart afspeelt: nederigheid, dankbaarheid, zelfonderzoek en het besef dat een mens niet het middelpunt van de werkelijkheid is.

Zo wordt de prosternatie voor hem geen toevoeging van nóg een religieus systeem, maar juist een manier om systemen tijdelijk los te laten. Even geen boek. Geen these. Geen taalstudie. Geen nieuwsbericht. Geen intellectuele constructie.

Alleen een mens die buigt, stil wordt en daarna weer opstaat om verder te gaan.

Scroll naar boven